Steun van ouders

Schenking
Dit is de meest eenvoudige manier om kinderen te helpen bij de aankoop van een woning. Ouders mogen aan hun kinderen eenmalig een bedrag van € 24.000 (2010) belastingvrij schenken. Voorwaarde is wel dat het kind tussen de 18 en 35 jaar is. Daarnaast mogen ouders aan hun kinderen jaarlijks een bedrag van € 5.000 (2010) per jaar belastingvrij schenken.
De vrijstelling van € 24.000 kan met € 26.000 verhoogd worden tot € 50.000 indien het bedrag geschonken wordt in verband met de aankoop van een eigen woning door het kind. In die gevallen dat er in 2009 reeds gebruik gemaakt is van de verhoogde vrijstelling van € 22.760 kan er onder bepaalde voorwaarden alsnog een beroep gedaan worden op de aanvullende eenmalige extra vrijstelling van € 26.000.
 

Lening aan kinderen
Het is voor veel ouders fiscaal voordelig om geld aan hun eigen kinderen uit te lenen.
Bijvoorbeeld door gebruik te maken van de overwaarde van de woning van de ouders.
De betaalde rente is voor het kind aftrekbaar en voor de ouders is de ontvangen rente onbelast. (De ouders moeten de vordering wel vermelden in box 3!). De ouders krijgen op deze manier een hoger rendement dan op hun spaarrekening.

De ouders kunnen in principe kiezen tussen twee mogelijkheden: blanco krediet of de woning als onderpand. In het eerste geval kan een iets hogere rente worden gevraagd. Ze mogen zelfs in het eerste geval een rente vragen welke enigszins boven de rente ligt welke normaliter voor een vergelijkbare hypotheek zou moeten worden betaald. Het kind betaalt nu wel iets meer rente, maar heeft daardoor ook meer fiscaal voordeel.

Stel u betaalt aan uw bank een hypotheekrente van 5% en u berekent uw kind 6%. Uw meeropbrengst van 1% schenkt u uw kind weer schenkingsrechtenvrij. Als u een lening verstrekt waarbij de te betalen rente niet meer bedraagt dan de jaarlijkse schenkingsvrijstelling (€ 4.412 in 2007) kunt u uw kind extra van dienst zijn.

Borgstelling
Als kinderen (nog) te weinig inkomen hebben om een bepaald leningbedrag te kunnen krijgen, zijn er geldverstrekkers die bereid zijn om toch een hogere hypotheek te verstrekken indien de ouders als borg willen fungeren voor een deel van de rentebetalingen of voor de aflossing van de lening.

Aan de borgstelling zijn enkele voorwaarden verbonden:
- Het kind moet zelf 75 à 80% van de hypotheeklasten zelf kunnen dragen.
- De geldverstrekker moet er van uit kunnen gaan dat er bij het kind een reële inkomensgroei is te verwachten. De hulp van de ouders moet naar verloop van tijd niet meer nodig zijn. Gedacht kan worden aan een periode van 2 à 5 jaar.

Het nadeel van deze constructie is dat als het kind er niet meer correct terugbetaalt, de geldverstrekker bij de ouders kan aankloppen. Ouders kunnen van hun kind jaarlijks een zakelijke borg (bijvoorbeeld: 1%) vragen. Voor het kind een fiscale aftrekpost. Voor de ouders onbelast. En als de ouders deze kosten weer kwijtschelden aan hun kind is er duidelijk sprake van een win-win situatie.

Hoofdelijke aansprakelijkheid
Het grote verschil tussen borgstelling en hoofdelijke aansprakelijkheid is dat bij hoofdelijke aansprakelijkheid de geldverstrekker meteen en voor de volledige hypotheekschuld de ouders kan aanspreken. Het kind hoeft dus niet eerst te worden aangesproken.

Studentenkamer kopen
Het concept is vrij eenvoudig. Je koopt “met hulp van je ouders” (zij staan borg voor het te lenen bedrag) een studentenkamer in een pand waarin meerdere (koop)studentenkamers zijn. Per etage is een gezamenlijke keuken en sanitair. De bewoners worden door deze koop automatisch lid van de vereniging van eigenaren.
In de praktijk betekent deze aankoop lagere woonlasten (aftrekbaarheid hypotheekrente !). Het is een waardevaste belegging. Het kopen van studentenkamers is voorlopig alleen mogelijk in de plaatsen met veel studenten. In de loop van de tijd zullen ook andere plaatsen volgen.