|
|
|
 |
 |
Oversluiten
|
|
|
Met het oversluiten van uw hypotheek wordt bedoeld het sluiten van een nieuwe
hypotheek zonder dat men verhuist en de hypotheek niet substantieel wordt
verhoogd. Indien u uw hypotheek wilt oversluiten kunt u met onderstaande kosten
te maken krijgen. (Informatie over fiscale aftrekbaarheid kunt u vinden onder:
Fiscale Aspecten.)
|
|
 |
-
U betaalt een boeterente* in verband met vervroegde aflossing. Hierbij geldt
dat hoe groter het verschil in resterende looptijd en hoe groter het
renteverschil, hoe hoger de boete.
-
De geldverstrekker brengt zogenaamde afsluitprovisie in rekening.
-
En meestal is een bezoek aan de notaris een noodzakelijk, maar kostbaar kwaad.
-
Daarnaast is er in een enkel geval ook nog sprake van taxatiekosten.
Mogelijke redenen om een hypotheek over te sluiten zijn: rentezekerheid op
langere termijn; lagere maandlasten, maar hogere hypotheek en dus minder
overwaarde;nieuwe hypotheekvorm; financieren verbouwing; echtscheiding;
verkrijgen Nationale Hypotheek Garantie in combinatie met een verbouwing.
Omzetten hypotheek met aflossing naar hypotheek zonder aflossing
Voor met name senioren kan oversluiten van bijvoorbeeld een
annuïteitenhypotheek naar een aflossingsvrije hypotheek het overwegen waard
zijn. Vaak is het mogelijk, ondanks een lagere maandlast, om een bedrag te
laten uitbetalen. Natuurlijk wordt er na de omzetting van de hypotheek niet
meer afgelost. Maar als het hypotheekbedrag slechts een fractie van de waarde
van het onderpand betreft, is hier niets mis mee. De uiteindelijke aflossing
wordt uiteindelijk in de erfenis geregeld.
Oversluiten spaarhypotheek meestal onverstandig
Het oversluiten van een spaarhypotheek is zelden of nooit voor u interessant.
Het rentevoordeel dat u gaat krijgen, wordt grotendeels teniet gedaan door de
stijging van de spaarpremie. Doordat u een lagere rente betaalt vermindert uw
belastingvoordeel. De spaarpremie die u meer gaat betalen is niet fiscaal
aftrekbaar. Een ander nadeel is dat de verplichte risicopremie zal stijgen
aangezien het sterfterisico groter is geworden. U bent immers ouder dan toen u
de originele hypotheek heeft afgesloten. Vanzelfsprekend spelen ook hier de
diverse hypotheekkosten een rol. Kortom laat u goed voorlichten en adviseren
over mogelijke alternatieve.
Rentemiddeling in plaats van oversluiten
Hierbij wordt het gemiddelde berekend van uw rente van de resterende
rentevastperiode en de lagere rente van de nieuwe rentevast periode. Dit is een
mogelijkheid om uw maandlasten te verlagen. Helaas wordt deze mogelijkheid niet
door alle geldverstrekkers geboden. U wordt bij rentemiddeling niet
geconfronteerd met een boete welke u in één keer moet betalen. In plaats
daarvan betaalt u gedurende de nieuwe rentevastperiode een opslag op de huidige
lagere rente. Voor rentemiddeling worden wel administratiekosten in rekening
gebracht.
Kortom, laat u adviseren door een onafhankelijk en deskundig
adviseur!
Zoals u hierboven heeft kunnen lezen is het maar de vraag of oversluiten zomaar
voordeliger is. Vaak wordt oversluiten als voordelig voorgespiegeld door
bijvoorbeeld een lager hypotheekbedrag met een lagere rente en een andere
hypotheekvorm te berekenen op een langere looptijd. Dit is natuurlijk niet
voordeliger, ondanks de lagere maandlast moet u dit wel een paar jaar langer
betalen.
Toch kan in bepaalde situaties oversluiten verstandig zijn. In
ieder geval is het van belang dat u zich goed laat voorlichten over dit
onderwerp. Uiteraard bent u bij Hypotheekcentrum Kerkrade van harte welkom om
uw situatie in kaart te laten brengen.
* Berekening boeterente
Methode 1.
De huidige rente wordt vergeleken met de rente van de resterende
rentevastperiode van dezelfde geldverstrekker. Daarna wordt op basis van dit
verschil de boete berekend.
Methode 2.
Hier wordt de huidige rente vergeleken met de rente van de oorspronkelijke
rentevastperiode van dezelfde geldverstrekker. Dit is de basis voor de
berekening van de te betalen boete.
Aangezien de rente in het algemeen lager is bij een kortere rentevastperiode;
is het verschil tussen de beide rentepercentages bij methode 1 groter dan bij
methode 2. Methode 1 is daarom meestal ongunstiger dan methode 2.
|
|
 |
|
|
|